1

Vanaf 01/01/2026 is de E-Box Enterprise verplicht!

De E-Box Enterprise is de digitale brievenbus voor ondernemingen en dit voor uw communicatie met de diverse overheidsinstellingen. In het regeerakkoord werd voorzien dat deze digitale brievenbus verplicht wordt vanaf 01/01/2026.

Is uw digitale brievenbus voor de onderneming nog niet geactiveerd dan dient u als bedrijfsleider/zelfstandige te zorgen voor een registratie via de hoger vermelde link. De wettelijke vertegenwoordiger van de onderneming dient persoonlijk te zorgen voor deze registratie via EID of Itsme.

Mis geen belangrijke briefwisseling van de overheidsinstellingen en activeer!

 

(Auteur: Edwin Van Lommel – Fiscaal Accountant 11308681 – 28/03/2025)




Vergeet uw eerste voorafbetaling niet uit te voeren vóór 10/04/2025!

Vennootschappen waarvan het boekjaar afsluit per 31/12/2025 alsook zelfstandigen kunnen best een eerste voorafbetaling organiseren vóór 10/04/2025. Dit om de aanzienlijke belastingvermeerdering van 6,75 % te neutraliseren of te reduceren.

Meer info met betrekking tot deze voorafbetalingen:

Zijn er op dit ogenblik onvoldoende liquide middelen, overweeg dan zeker een krediet voorafbetalingen bij uw financiële instelling!

 

(Auteur: Edwin Van Lommel – Fiscaal Accountant 11308681 – 28/03/2025)




Verplicht gebruik van gestructureerde elektronische facturen vanaf 01/01/2026!

Vanaf 01/01/2026 zullen BTW-plichtige ondernemers en Vennootschappen hun elektronische facturen aan hun BTW-plichtige afnemers moeten verzenden over het Peppol-netwerk.

Er resteert deze BTW-plichtigen dan ook maar 9 maanden meer om zich voor te bereiden op deze verplichting.

Het zal dus niet meer voldoende zijn om uw facturen op papier te maken en te verzenden. Ook een mail met een PDF-, Excel- of Word-bestand zal niet meer voldoen. De sanctie zal immers zijn dat de BTW voor de ontvanger van de factuur niet recupereerbaar zal zijn. U mag zich er dan ook aan verwachten dat uw BTW-plichtige klanten vanaf 01/01/2026 enkel nog facturen zullen aanvaarden die ontvangen worden over het Peppol-netwerk!

Een lijst met conforme softwaretoepassingen kan worden geconsulteerd op de website e-factuur van onze overheid.

Een goed voorbereid ondernemer is er twee waard en wij kunnen stellen dat er opnieuw een serieuze stap wordt gezet naar een volledige digitalisering van facturatie en boekhouding.

 

(Auteur: Edwin Van Lommel – Fiscaal Accountant 11308681 – 28/03/2025)




DBI-beleggingen worden minder interessant voor de vennootschap!

Vandaag de dag wordt er door vennootschappen veel belegd in DBI-beleggingen en de redenen hiervoor zijn logisch:

  • Meerwaarden worden niet belast in de vennootschapsbelasting
  • Dividenden worden niet belast in de vennootschapsbelasting en de ingehouden roerende voorheffing wordt in mindering gebracht van de verschuldigde vennootschapsbelasting.

Dit in tegenstelling tot andere beleggingsproducten waarvan meerwaarden wel belast worden in de vennootschapsbelasting alsook de dividenden.

De opgenomen maatregelen in het regeringsakkoord De Wever I zullen de DBI-beleggingen in de toekomst minder interessant maken:

  • 5% vennootschapsbelasting op de meerwaarde
  • roerende voorheffing op dividenden enkel nog verrekenbaar met de verschuldigde vennootschapsbelasting indien wordt voldaan aan de nieuwe minimale bedrijfsleidersbezoldiging (50.000 euro + jaarlijkse indexering)

Het is nog niet duidelijk vanaf wanneer deze nieuwe regelgeving wordt ingevoerd (vanaf 01/01/2026?) maar misschien dient u te overwegen om uw winst op deze DBI-beleggingen nog te nemen voor het jaareinde?

 

(Auteur: Edwin Van Lommel – Fiscaal Accountant 11308681 – 27/02/2025)




Wat brengt de toekomst voor VVPR bis en VVPR ter?

KMO-vennootschappen die aan de voorwaarden voldoen kunnen dividenden uitkeren aan het verminderde tarief van 15% roerende voorheffing (VVPR bis).

Als ondernemer en/of KMO-vennootschap mogen wij dan ook blij zijn dat deze maatregel in het regeerakkoord De Wever I gevrijwaard is gebleven.

KMO-vennootschappen dewelke niet in aanmerking komen voor VVPR bis, maakten in het verleden vaak gebruik van de VVPR ter regeling. Wellicht beter bekend als het aanleggen van liquidatiereserves.

Het aanleggen van deze liquidatiereserves heeft een afzonderlijke vennootschapsbelasting van 10% tot gevolg maar heeft wel als voordeel dat deze liquidatiereserves kunnen uitgekeerd worden aan een verminderd tarief roerende voorheffing of zelfs zonder roerende voorheffing in plaats van 30%:

  • Na een sperperiode van 5 jaar: 5% roerende voorheffing
  • Bij liquidatie vennootschap: 0% roerende voorheffing

De VVPR ter regeling zal in de toekomst licht gewijzigd worden met dien verstande dat er twee wijzigingen zullen worden ingevoerd:

  • De sperperiode wordt ingekort tot 3 jaar in plaats van 5 jaar
  • Het tarief roerende voorheffing bij uitkering na de sperperiode wordt opgetrokken van 5% naar 6,5%

Na invoering van deze wijzigingen zal de fiscale druk op deze VVPR ter dividenden gelijk zijn aan 15% (afzonderlijke belasting 10% + 6,5% roerende voorheffing) als deze worden uitgekeerd na een sperperiode van 3 jaar. Worden deze liquidatiereserves uitgekeerd naar aanleiding van de liquidatie van de vennootschap zal er net zoals op vandaag geen roerende voorheffing meer verschuldigd zijn.

Wij mogen dan ook concluderen dat de regeringsonderhandelaars op het vlak van VVPR bis en VVPR ter zeer billijk zijn geweest.

 

(Auteur: Edwin Van Lommel – Fiscaal Accountant 11308681 – 27/02/2025)




In de toekomst meer bedrijfsleidersbezoldiging uitkeren door uw vennootschap?

KMO-vennootschappen kunnen genieten van het verlaagde tarief in de vennootschapsbelasting (20% op de eerste 100.000 euro belastbare winst) als ze aan een aantal voorwaarden voldoen.

Eén van de voorwaarden is dat er voldoende bedrijfsleidersbezoldiging wordt uitgekeerd aan één van de bedrijfsleiders. Vandaag bedraagt deze minimale bezoldiging 45.000 euro inclusief voordelen alle aard of de minimale bezoldiging van één van de bedrijfsleiders moet hoger zijn dan de belastbare winst in de vennootschap.

Het regeerakkoord De Wever I voorziet in de toekomst in een verhoging van deze bezoldigingsvoorwaarde. Deze bedrijfsleidersbezoldiging zal minimaal 50.000 euro moeten bedragen en dit bedrag zal jaarlijks geïndexeerd worden.

Bovendien zullen de voordelen alle aard in dit bedrag bedrijfsleidersbezoldiging maximaal 20% mogen bedragen.

Het valt dan ook te verwachten dat het aangewezen zal worden om uw huidige bedrijfsleidersbezoldiging uit de vennootschap in de nabije toekomst fiscaal te analyseren van zodra deze nieuwe regelgeving een feit wordt.

Er zal immers dienen te worden nagegaan of de verhoging van de bedrijfsleidersbezoldiging wel opweegt tegen het verlies van het KMO-tarief in de vennootschapsbelasting!

 

(Auteur: Edwin Van Lommel – Fiscaal Accountant 11308681 – 27/02/2025)




De meerwaardebelasting wordt een feit!

Er is eind 2024 veel geschreven over de nota’s De Wever en de mogelijke fiscale impact voor de KMO’s en de ondernemer. Ondertussen is de regering De Wever I gevormd en dienen wij te onthouden dat deze regering in het regeerakkoord tal van fiscale maatregelen heeft opgenomen.

Er zal ondermeer een algemene solidariteitsbijdrage, lees meerwaardebelasting in de personenbelasting, komen van 10% op de toekomstige gerealiseerde meerwaarden op financiële activa opgebouwd vanaf het moment van de invoering van deze bijdrage.

Welke activa allemaal in aanmerking dienen genomen te worden is nog niet duidelijk maar wel staat reeds vast dat aandelen, beleggingsfondsen en crypto-activa geviseerd zijn.

Er zal een vrijstelling gelden van 10.000 euro per kalenderjaar en deze vrijstelling zal jaarlijks geïndexeerd worden.

Wat de aandelen betreft is er voorzien in een uitzondering. In het geval een natuurlijke persoon een aanmerkelijk belang aanhoudt, nl. 20% van de aandelen in een vennootschap, wordt er voorzien in een vrijstelling van 1.000.000 euro en een trapsgewijze taxatie van toekomstige meerwaarden:

  • Meerwaarde tussen 1 en 2,5 mio:         1,25%
  • Meerwaarde tussen 2,5 en 5 mio:         2,5%
  • Meerwaarde tussen 5 en 10 mio:          5%
  • Meerwaarde boven 10 mio:                   10%

Gerealiseerde minderwaarden mogen in mindering gebracht worden van meerwaarden maar zullen fiscaal niet overdraagbaar worden naar andere jaren.

Gezien er nu reeds meningsverschillen zijn tussen de verschillende regeringspartijen omtrent de inhoud hiervan in het regeringsakkoord, valt het tevens te verwachten dat hierover het laatste nog niet geschreven zal zijn.

 

(Auteur: Edwin Van Lommel – Fiscaal Accountant 11308681 – 27/02/2025)




Abeka nodigt u uit op het ondernemersevent ABE25

Op donderdag 13 maart 2025 wordt in Kinepolis Antwerpen het ondernemersevent ABE25 georganiseerd.

ABE25 staat voor Antwerps Business Event 2025 en is een evenement voor ondernemers en KMO’s georganiseerd door KMO’s met als doelstelling waardevolle lokale zakelijke contacten te leggen.

Ook Abeka is present en wij kunnen de lezers van onze nieuwsbrief een gratis ticket aanbieden ter waarde van 28 euro. Hiervoor volstaat het om een bericht te sturen aan Bruno@abeka.be.

Het management en enkele medewerkers van Abeka verwelkomen u graag voor een persoonlijk onderhoud met een hapje en een drankje op de Abeka-stand.

Tot eerstdaags!

 

(Auteur: Edwin Van Lommel – Fiscaal Accountant 11308681 – 30/01/2025)




BTW-boete laten kwijtschelden?

Inbreuken inzake BTW-reglementering worden zwaar bestraft met niet-proportionele of proportionele boetes.

Een niet-proportionele boete is een vast bedrag voor bijvoorbeeld een laattijdige indiening van de BTW-aangifte.

Een proportionele boete is een percentage van het bedrag dat u verschuldigd bent aan de overheid ten gevolge van bijvoorbeeld vaststellingen naar aanleiding van een BTW-controle. Ten gevolge deze vaststellingen wordt het bedrag inzake BTW vastgesteld door de fiscus en verhoogd met een percentage als boete.

Er kan een kwijtschelding van boete gevraagd worden als voldaan is aan de volgende voorwaarden:

  • Overtreding ter goeder trouw
  • Eerste overtreding van dezelfde aard in de periode van 4 jaar voorafgaand aan het tijdstip waarop de overtreding is begaan.
  • De overtreding is rechtgezet en er werd voldaan aan de aangifteverplichtingen

Om deze kwijtschelding te vragen zal er bovendien een gemotiveerd verzoekschrift ingediend moeten worden.

Niet alle boetes komen in aanmerking voor kwijtschelding! Zo zal u nooit een kwijtschelding kunnen bekomen voor de opgelegde boete wegens de laattijdige indiening van de periodieke BTW-aangifte of de nieuwe boetes vanaf 01/01/2025 wegens de laattijdige betaling van de verschuldigde BTW (5%-10%-15%).

U kan nagaan op de website van FOD Financiën of de overtreding waarvoor u werd beboet wel in aanmerking komt voor het nieuwe boetebeleid.

Moraal van het verhaal blijft toch om tijdig zorg te dragen voor al Uw BTW-verplichtingen! Beter voorkomen dan genezen.

 

(Auteur: Edwin Van Lommel – Fiscaal Accountant 11308681 – 30/01/2025)




Beoordeel uw afrekening sociale bijdragen van het 1e kwartaal 2025 en onderneem actie!

Zelfstandigen zijn onderworpen aan sociale bijdragen en ontvangen hiervoor van de sociale kas een uitnodiging tot betaling. De voorlopige sociale bijdragen 2025 worden bepaald op basis van het geherwaardeerde inkomen 2022.

Indien u in de praktijk vaststelt dat uw afrekening 01/2025 zwaar afwijkt van de sociale bijdragen in 2024, dan is het aangewezen om deze afrekening verder te beoordelen. Toch zeker als uw inkomen zo goed als ongewijzigd is gebleven. Het is immers niet uitgesloten dat u te veel of te weinig voorlopige sociale bijdragen 2025 zal betalen!

Het is dan ook belangrijk om de voorlopige sociale bijdragen 2025 zo correct mogelijk in te schatten en te betalen en dit om de volgende redenen:

  • Een zware toekomstige afrekening kan worden voorkomen
  • De betaalde sociale bijdragen zijn fiscaal aftrekbaar in de personenbelasting.

Is de afrekening voorlopige sociale bijdragen 2025 voor u niet zonneklaar, leg ze dan voor aan een professionele beroepsbeoefenaar voor verdere beoordeling en advies.

 

(Auteur: Edwin Van Lommel – Fiscaal Accountant 11308681 – 30/01/2025)