1

12% BTW voor diensten van het verschaffen van gemeubelde logies vanaf 01/03/2026!

Vanaf 01 maart 2026 wordt het BTW-tarief voor diensten van het verschaffen van gemeubelde logies en de terbeschikkingstelling van een plaats om te kamperen opgetrokken van 6% naar 12%.

Deze verhoging van het tarief kadert in het begrotingsakkoord van de regering.

Er werd voorzien in een overgangsregeling. Reservaties die uiterlijk op 28 februari 2026 worden vastgelegd blijven onderworpen aan het tarief van 6% op voorwaarde dat de BTW uiterlijk op 30 juni 2026 opeisbaar wordt.

Er werd een FAQ gepubliceerd ter verduidelijking op 17/02/2026.

Een vakantie in België zal voor vele medeburgers weer wat duurder worden!

 

(Auteur: Edwin Van Lommel – Fiscaal Accountant 11308681 – 24/02/2026)




Oeps, foutje? 10% belastingverhoging! Retroactief betwisten ?

In het verleden was de fiscus eerlijk gezegd streng met het boetebeleid. Een kleine vergetelheid of fout in de aangifte en de belastingverhoging in de personenbelasting/vennootschapsbelasting van 10% bij een eerste overtreding was een feit.

Of de belastingplichtige nu ter goeder of ter kwader trouw was maakte geen verschil. Een ferme tik op de vingers en een belastingverhoging van 10% betalen was de boodschap.

Sinds de programmawet van 18 juli 2025 mag de fiscus geen belastingverhogingen meer opleggen voor een eerste overtreding ter goeder trouw. Rekening houdende met de huidige complexiteit van de fiscale wetgeving is deze nieuwe wet alleen maar toe te juichen.

In principe gelden deze regels voor aanslagen gevestigd in de personen- en vennootschapsbelasting vanaf 29 juli 2025.

Vergeet wel niet om toepassing te vragen van deze programmawet in lopende geschillen met de fiscus of aanslagbiljetten met belastingverhogingen van 10% vanaf 29 juli 2025. Dit daar deze mildere bestraffing volgens de fiscale rechter retroactief werkt!

 

(Auteur: Edwin Van Lommel – Fiscaal Accountant 11308681 – 24/02/2026)




De personenwagen anno 2026 en volgende in de vennootschapsbelasting?

De fiscale weg voor personenwagens in de vennootschapsbelasting moet alsmaar groener en de boodschap van de overheid is glashelder. Wie niet volgt krijgt geen fiscale voordelen meer.

Alle niet-emissievrije personenwagens aangekocht vanaf 01/01/2026 zullen geen fiscale aftrek meer genieten in de vennootschapsbelasting. Dit impliceert dat enkel de kost van de wagen die overeenstemt met het belastbare voordeel alle aard in de personenbelasting nog wordt aanvaard. Het saldo van de kosten is niet langer fiscaal aftrekbaar in de vennootschapsbelasting!

Voor elektrische voertuigen is het ondertussen ook duidelijk:

  • Aankoop/huur/lease 2026 en voorgaande jaren       100%          fiscaal aftrekbaar
  • Aankoop/huur/lease 2027                                              95%           fiscaal aftrekbaar
  • Aankoop/huur/lease 2028                                              90%           fiscaal aftrekbaar
  • Aankoop/huur/lease 2029                                              82,50%      fiscaal aftrekbaar
  • Aankoop/huur/lease 2030                                              75%           fiscaal aftrekbaar
  • Aankoop/huur/lease 2031                                              67,50%      fiscaal aftrekbaar

Deze toekomstige daling van de aftrek voor elektrische voertuigen heeft al veel minder te maken met de vergroening van het wagenpark maar is eerder een voorzorg voor de schatkist en het innen van belastingen.

Voor de niet-emissievrije personenwagens (aankoop/huur/lease in de periode vanaf 01/07/2023 tot en met 31/12/2025) is er voorzien in een uitdoofscenario qua fiscale aftrek. De aftrek van deze wagens zal geschieden op basis van de gekende gramformule maar met een maximum van:

  • Aj 2026 – boekjaar 2025: maximum 75%
  • Aj 2027 – boekjaar 2026: maximum 50%
  • Aj 2028 – boekjaar 2027: maximum 25%
  • Aj 2029 – boekjaar 2028: 0%

Voor wagens die werden aangekocht vóór 01/07/2023 wijzigt er niets en blijft de oude aftrekregeling op basis van de gramformule bestaan:

  • 120% – (0,5% x een coëfficiënt x aantal gram CO2 per kilometer)

De aftrekregeling inzake personenwagens is een onontwarbaar kluwen geworden. Wat ooit een eenvoudige regel was (75% aftrek), is geëvolueerd tot een complex labyrint en in de praktijk een bron van administratieve overlast die constante waakzaamheid vereist.

En wat als onze Europese auto-industrie een duwtje in de rug kan gebruiken en/of de elektriciteitsnetwerken falen?

Terug naar af of vragen we dan Marc Coucke om een filmpje te maken?

 

(Auteur: Edwin Van Lommel – Fiscaal Accountant 11308681 – 24/02/2026)




De nieuwe verloningspuzzel komt eraan!

Eerstdaags zal er een wet worden goedgekeurd die één van de voorwaarden voor de toepassing van het verlaagde KMO-tarief in de vennootschapsbelasting zal wijzigen.

Voor Aj 2026 en vorige was het voldoende dat er minimaal 45.000 euro brutoloon en voordelen alle aard werden toegekend aan één bedrijfsleider om het KMO-tarief te kunnen genieten. De vennootschap kon ook genieten van het KMO-tarief indien de verloning aan één van de bedrijfsleiders hoger was dan het belastbare resultaat van de vennootschap.

Dit was eenvoudig maar het wordt weer wat ingewikkelder.

Vanaf 01/01/2026 wordt deze verloningsvoorwaarde aangepast en voor Aj 2027 zal deze minimale verloning aan één bedrijfsleider op jaarbasis minstens 50.000 euro moeten bedragen. De wetgever zal ook voorzien in een jaarlijkse indexering van dit bedrag.

Bovendien mogen de forfaitair bepaalde voordelen alle aard niet meer bedragen dan 20% van de totale bezoldiging.

Uiteraard zal de vennootschap ook nog moeten voldoen aan de andere voorwaarden om dit KMO-tarief te genieten:

  • De vennootschap is een kleine vennootschap
  • De vennootschap is geen financiële vennootschap
  • Meer dan 50% van de aandelen van de vennootschap moet in handen zijn van natuurlijke personen

De bezoldigingsvoorwaarde is niet van toepassing voor jonge vennootschappen en dit gedurende de eerste vier boekjaren.

Rekening houdende met voorgaande is het tijd om aan de berekeningen te beginnen en om een optimale bezoldiging te bepalen in de wetenschap dat deze bezoldiging niet alleen een impact heeft op het tarief vennootschapsbelasting maar ook op andere gebieden zoals sociale bijdragen, IPT-verzekering, wettelijk pensioen, …

Misschien niet langer opteren voor het verlaagde tarief KMO en de verloning verlagen in plaats van verhogen? Of toch verhogen?

Zie het als een strategisch spelletje schaak met de fiscus, en wij helpen u graag om de winnende zet te doen!

 

(Auteur: Edwin Van Lommel – Fiscaal Accountant 11308681 – 24/02/2026)