1

De controles van de economische inspectie zijn onderweg: waar uw ondernemingsnummer vermelden?

Verscheidene van onze klanten kregen bezoek van de economische inspectie en wat controleerden zij????  Het ondernemingsnummer.
Het ondernemingsnummer moet immers vermeld worden op alle gebouwen die voor handelsdoeleinden worden gebruikt.

Het ondernemingsnummer moet trouwens ook vermeld zijn op:

  • alle akten, facturen, aankondigingen, bekendmakingen, brieven, orders en andere stukken (e-mail, kasticket) die uitgaan van uw onderneming
  • de website van uw vennootschap
  • in geval van ambulante handel: op uw vervoersmiddelen en marktkraam

Indien u uw ondernemingsnummer niet meedeelt op de vermelde stukken, dan riskeert u een sanctie van 156 euro tot 30.000 euro.
Heeft u een vennootschap en vermeldt u uw ondernemingsnummer niet op uw documenten, dan kan u bovendien hoofdelijk aansprakelijk worden gesteld voor de verbintenissen van uw vennootschap.

Wij raden u aan ernstig om te gaan met deze verplichting, want bij een controle zal de economische inspectie trouwens ook controleren op:

  • prijsaanduiding
  • controle op de gegevens welke uw website verplicht moet kenbaar maken
  • witwaspreventie, vergeet trouwens ook niet dat u cash niet meer dan 3.000 euro mag ontvangen.
  • documenten, dus bladeren in verkoopfacturen, aankoopfacturen, bestelbons

Weet dat de Economische inspectie ook een meldpunt heeft. Dit meldpunt werd begin 2016 gelanceerd.

Bijna 14.000 mensen deden reeds beroep op dit meldpunt. Dertig procent van de meldingen wordt onmiddellijk overgemaakt aan de politie. Weet dus ook dat dit meldpunt de kans op een controle vergroot.

In 2015 voerde de Economische Inspectie 35.416 controles uit, dat zijn er 8 % meer dan in 2014. Deze controles hebben geleid tot 2.888 waarschuwingen en 3.746 processen-verbaal.
14 % van alle gecontroleerde zaken bleken niet in orde met de aanduiding van de verkoopprijs.
Voornaamste problemen waren prijsaanduidingen die ontbraken, niet goed zichtbaar waren, zich niet in de buurt van het product bevonden of dubbelzinnig waren.

De inspecteurs hoeven zich op voorhand niet bekend te maken, toch niet op het ogenblik dat zij uw onderneming binnenstappen. Dat maakt dat zij dus al op voorhand vaststellingen kunnen doen. Uiteraard kan u nadien om een bewijs vragen dat het effectief over de economische inspectie gaat.
Meestal geeft de inspectie een proces-verbaal van waarschuwing als het kleine inbreuken zijn of inbreuken op een nieuwe wetgeving. Ze zijn echter niet verplicht om dat te doen.


Opgelet:

Al wat gezegd wordt, is bijzaak. Maar wees aandachtig voor de verklaringen in een proces-verbaal, wat daarin staat geldt tot bewijs van het tegendeel.
U hoeft niet onmiddellijk een verklaring af te leggen. U mag eerst overleggen met een adviseur en pas nadien reageren.
Geeft u wel een verklaring, dan vraagt u daarvan best een kopie. Zo weet u nog wat u gezegd heeft.

In zo’n 90% van de gevallen zal, bij een overtreding, de inspectie u niet direct vervolgen, maar u een zgn. minnelijke schikking of transactie voorstellen. Dit komt dan neer op het betalen van een boete en daarmee is de kous dan af.

 

(Auteur: Georges Bauwens, erkend boekhouder-fiscalist BIBF 301 85 790)




Btw: vereenvoudiging bewijsvoering van de intracommunautaire levering – het bestemmingsdocument

Een vervelende zaak bij btw-controles is het leveren van het bewijs van de btw-vrijstelling voor intracommunautaire leveringen. Is er echt een levering aan het buitenland gebeurd?

Vanaf 1 juli 2016 is er echter een administratieve vereenvoudiging, in die mate dat het vervoer vanuit België naar een andere lidstaat kan bewezen worden door een bestemmingsdocument.
Niettegenstaande deze vereenvoudiging kan de btw-administratie nog steeds andere documenten (vervoerdocumenten, contracten, betalingsbewijzen, crm …) opvragen om de echtheid van het bestemmingsdocument te verifiëren.

Het bestemmingsdocument dient te worden geattesteerd binnen de drie maanden na het verstrijken van de verkoop.
Dit bestemmingsdocument mag per mail verstuurd en bevestigd worden, voor zover de authenticiteit van de ondertekenaar gegarandeerd blijft.
Bestemmingsdocumenten mogen ook alle intracommunautaire leveringen omvatten aan eenzelfde klant voor een periode van maximaal drie opeenvolgende kalendermaanden waarin de goederen door de koper in ontvangst werden genomen.
De koper mag binnen zijn organisatie een persoon aanduiden, die op voorhand de leverancier schriftelijk inlicht over zijn identiteit en hoedanigheid.

 

Welke vermeldingen dienen zeker op het bestemmingsdocument voor te komen?

  • gegevens van de leverancier (naam, adres, BTW-nummer);
  • gegevens van de koper (naam, adres, Btw-nummer);
  • bevestiging van de aankomst van de goederen (lidstaat, stad, gemeente);
  • bevestiging van het tijdstip van aankomst (maand en jaar);
  • de periode waarop het document betrekking heeft, de leveringen mogen gegroepeerd worden per kwartaal;
  • een verwijzing naar de factuur, of een ander document dat naar de factuur linkt (bestelbon);
  • een beschrijving van de goederen, alsook de prijs in euro, exclusief btw.

Het bestemmingsdocument geldt, samen met de verkoopfactuur en het betalingsbewijs, als weerlegbaar vermoeden van een intracommunautaire levering.

Indien de verkoper het vervoer organiseert, dient ook het transportdocument nog voorgelegd te worden.

De verkoper moet ook steeds zijn intracommunautaire leveringen in een intracommunautaire aangifte opnemen.

In de btw-beslissing E.T. 129.460 dd. 1 juli 2016 kan men enkele modellen van bestemmingsdocumenten terugvinden.

Uiteraard kan ook Abeka u hierbij helpen!

 

(Auteur: Georges Bauwens, erkend boekhouder-fiscalist BIBF 301 85 790)




Vacatures Abeka

Abeka staat garant voor een no-nonsense aanpak van fiscale en financiële vraagstukken. Abeka neemt daarbij de rol op van end-to-end adviseur, van boekhouding en operationele ondersteuning tot strategische begeleiding, van opstart van een onderneming tot de regeling van de successie.

Abeka wil de fiscale en financiële ontzorger zijn van zowel kmo’s als grote bedrijven.

De naam Abeka is eind december 2014 ontstaan door de naamsverandering van Antwerps Boekhoudkantoor, opgericht in 1987. De vorige naam dekte niet langer de lading. Wij hebben ondertussen klanten in heel Vlaanderen.

Abeka heeft zijn hoofdkantoor in Deurne en bijkantoren in Kapellen, Schilde en Geel. Door onze organisatie bestrijken wij de driehoek Kalmthout, Mechelen en Geel.

Abeka investeert daarom in oprecht betrokken en competente medewerkers. Interne en externe opleidingen, overlegmomenten en een goed georganiseerde supervisie zorgen ervoor dat onze medewerkers hun kennis op een dynamische en enthousiaste manier overbrengen naar onze klanten.

Wilt u ons 20-man/vrouw sterk, enthousiast team komen versterken, dan ontvangen wij graag uw c.v. , welke u ook per mail kan bezorgen aan bart@abeka.be

Vacature commercieel medewerker




Nog slechts 13 dagen de tijd om uw fiscaal geschenk binnen te halen: de liquidatiereserve 2013

Als uw KMO in 2013 winst heeft gemaakt, kunt u eerstdaags nog een bijzondere liquidatiereserve aanleggen.

KMO-vennootschappen hebben ten gevolge van de Programmawet van 10/08/2015 de mogelijkheid om een bijzondere liquidatiereserve aan te leggen over de winsten met betrekking tot het aanslagjaar 2014.

Het aanleggen van de bijzondere liquidatiereserve heeft een afzonderlijke belasting in de vennootschapsbelasting tot gevolg van 10%.  Hiervoor dient een afzonderlijke aangifte te worden ingediend en de afzonderlijke belasting dient betaald te worden vóór 30/11/2016.

Aangezien de liquidatiereserve hierdoor reeds wordt belast met 10% kan deze in het geval van een vereffening van de vennootschap uitgekeerd worden aan de aandeelhouders/vennoten zonder roerende voorheffing op de liquidatiebonus.  Het betreft met andere woorden een definitieve belasting van de reserves in de vennootschap.

Het normale tarief roerende voorheffing op de liquidatiebonus bedraagt heden 27%.  Het valt te verwachten dat deze roerende voorheffing wordt opgetrokken naar 30% ten gevolge de budgettaire maatregelen van onze regering.  Door toepassing van de bijzondere liquidatiereserve kan hierdoor naar de toekomst een besparing worden gerealiseerd van 20% op de te verdelen reserves.

Indien de liquidatiereserve wordt uitgekeerd vóór liquidatie van de vennootschap is er een aanvullende roerende voorheffing van 17% (20% vanaf 01/01/2017?) verschuldigd.

Heel belangrijk voordeel: in het geval u de liquidatiereserve toch uitkeert 5 jaar na de laatste dag van het boekjaar waarin ze wordt aangelegd, is er nog slechts een roerende voorheffing van 5% verschuldigd!!!! Uw voordeel in dit geval is 27% – 13,64% = 13,36% belasting.

U kunt maximaal de winst na belastingen van 2013 (aanslagjaar 2014) overboeken naar de bijzondere liquidatiereserve, op voorwaarde dat die winst nog deel uitmaakt van uw reserves bij het begin van het huidig boekjaar.

Wilt u alsnog gebruik maken van deze opportuniteit, dan moet u deze aangifte opmaken vóór 30/11/2016 via formulier 275A-Bijz.

U kan deze aangifte:

  • mailen naar CPIC.PRMRV@minfed.fed.be
  • per post versturen naar Inningscentrum, sectie roerende voorheffing, Koning Albert II laan 33 B42, 1030 Brussel.

Ook de betaling van deze 10% roerende voorheffing dient bij de fiscus te zijn toegekomen vóór 30/11/2016 !!!!

Nog belangrijk om weten is dat de huidige reserves in de vennootschap kunnen aangetast worden door eventuele toekomstige verliezen.  In deze concrete situatie kan dit tot gevolg hebben dat u een afzonderlijke belasting van 10% op uw winsten/reserves heeft afgedragen die niet meer voor uitkering ter beschikking zijn in het geval van liquidatie!

Mocht u nog vragen hebben met betrekking tot de toepassing van deze bijzondere liquidatiereserve dan kan u hiervoor contact opnemen met edwin@abeka.be

 

(Auteur: Georges Bauwens, erkend boekhouder-fiscalist BIBF 301 85 790)




Wat betekent dat juist: zelfstandige in bijberoep?

Wanneer ben ik zelfstandige in bijberoep?

Je bent zelfstandige in bijberoep wanneer je:

  • gelijktijdig met je zelfstandige activiteit nog een andere beroepsbezigheid uitoefent voor een werkgever of,
  • als zelfstandige ook een loon vervangend inkomen krijgt voor een andere, weggevallen beroepsactiviteit als werknemer of ambtenaar.

Aan welke voorwaarden moet mijn hoofdberoep voldoen?

Je bent pas zelfstandige in bijberoep als je hoofdactiviteit aan een aantal voorwaarden voldoet.

  • Je bent werknemer
    • Je hoofdactiviteit moet minstens de helft van een fulltime job bedragen.
    • Het aantal arbeidsuren per maand moet minstens gelijk zijn aan de helft van het aantal arbeidsuren dat per maand door een voltijds werknemer in dezelfde onderneming of in dezelfde arbeidssector wordt gepresteerd.

Voorbeeld
Je bent bediende en verdient bij als zelfstandig landbouwer.

  • Je geeft les
    • Je bent benoemd (statutair) en geeft les in dag- of avondonderwijs. Je opdracht omvat minstens 6/10 van een volledig lesrooster.
    • Ben je statutair met een halve uurrooster, maar met onvoldoende uren voor 6/10 van een volledige uurrooster, dan kan je vragen om met een bijberoep gelijkgesteld te worden als je inkomsten uit het zelfstandig beroep eerder beperkt zijn (artikel 37 ARS).
    • Geef je les volgens een contractuele overeenkomst? Dan volstaat een halve uurrooster.
  • Je hoofdactiviteit geeft je rechten in een andere pensioenregeling
    Je hoofdactiviteit kan rechten doen ontstaan in een andere pensioenregeling die ingesteld is door een wet, een provinciaal reglement of door de NMBS.
    In dat geval moet je minstens 8 maanden of 200 dagen per jaar werken. Het aantal arbeidsuren per maand moet minstens de helft zijn van het aantal arbeidsuren per maand in een voltijdse betrekking.

    Voorbeeld
    Je bent ambtenaar en verdient bij als zelfstandig frituurhouder.

 

(Auteur: Georges Bauwens, erkend boekhouder-fiscalist BIBF 301 85 790)




Lancering Abeka-Adviesraad in de Lotto Arena

Abeka nodigt u graag uit op de kmo-connectdays in de Lotto Arena te Antwerpen.

Het belangrijkste event van het jaar voor ondernemers.

Hieronder vindt u uw uitnodiging om gratis deel te nemen aan het hele event, uitgezonderd het congres.

Wij willen u graag ontmoeten op onze stand of tijdens één van de parallelsessies die wij met Abeka animeren en die wij gratis iedere dag telkens om 11u30 organiseren.

Tijdens deze sessies maakt u kennis met de “ABEKA-ADVIESRAAD voor KMO’s” en lichten wij u graag toe welke voordelen deze voor u als ondernemer kan bieden.

Alle detailinfo vindt u op de website van kmo-connectdays .

Moeite met uzelf te registreren? Stuur een mailtje naar bruno@abeka.be en wij doen de registratie graag voor u.

 

kmo-connectdays

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Dit is jouw persoonlijke uitnodiging voor één van de grootste professionele netwerkevents van dit najaar. Waarom? Omdat we geloven in de sterkte van een uitgebreid netwerk en dus in de kracht van dit event.

kmo-connectdays 2016 biedt jou gedurende deze 2-daagse een B2B-plaza met 100 bedrijven, parallelsessies, meet-the-experts en volop netwerkmogelijkheden. Wil je er graag bij zijn? Registreer je hier.

Op 23 & 24 november verzorgen wij een interactieve parallelsessie: “Abeka-Adviesraad een noodzaak of overbodige luxe?”. Inschrijven voor deze sessie kan nog via www.kmo-connectdays.biz.

Heb je zin om ook aan de betalende congresformule deel te nemen en toegang te krijgen tot alle sessies van de keynote sprekers? Dan hebben we het genoegen om jou als onze klant een korting aan te bieden van € 50 op je ticket! Gebruik de promocode abeka2016 bij registratie voor het congres.

We kijken uit naar je bezoek op onze parallelsessie en op onze stand nr. 1213.

REGISTREER HIER

 




Rechter fluit fiscus terug inzake VAA gratis woonst voor zaakvoerders/bestuurders (deel 2)

Naar aanleiding van onze nieuwsbrief van 31/05/2016 kregen wij heden bij de indiening van de personenbelasting opnieuw heel wat vragen van bedrijfsleiders.
“Hoe zat het nu weer met die voordelen alle aard gratis woonst?”

Het VAA gratis woonst is gebaseerd op het kadastrale inkomen (KI), geïndexeerd x 100/60.
Wanneer die woning echter door een vennootschap beschikbaar wordt gesteld, verhoogt dat voordeel plots met een factor 3,8 indien het KI groter is dan 745 (lager = KI *1,25).
Volgens een recent arrest van het Hof van beroep te Gent is dat onderscheid discriminerend en mag men ook voor de woning van een vennootschap de meer voordelige waarderingsmethode voor woningen van particulieren toepassen.


Een voorbeeld:
Nemen wij aan dat het KI  4.000 euro bedraagt en de de huurwaarde 1.900 euro.

Fiscaliteit:

4.000 * 100/60 * 1,7153 * 3,8 = 43.454 euro

Hof van Beroep:
4.000 * 100/60 * 1,7153  = 11.435 euro

Wetgeving: een voordeel kan nooit lager zijn dan de werkelijke waarde:
1.900 * 12 = 22.800 euro


Is er nu een definitieve oplossing?

Nog niet direct, want uit ervaring weten wij dat de fiscus dit arrest grondig bestudeert en dat hij daarbij uiteindelijk ook nog altijd in cassatie gaat.
Dat is ook de reden waarom nog vele bedrijfsleiders de kat uit de boom kijken.
Normaal kon men nu reeds een “aangepaste” aangifte vaa gratis woonst 2015 doen in de personenbelasting.
Door de onduidelijkheid en het risico op procedures achteraf hebben de meeste bedrijfsleiders hierin nog geen actie genomen.

Wat te doen?
Praktisch gezien kan men een bezwaarschrift indienen tegen de aanslag in de personenbelasting, waarin het voordeel van alle aard wordt belast. Dit dient te gebeuren binnen de 6 maanden na de verzending van het aanslagbiljet.

In het geval u deze beslissing zou nemen, is het raadzaam een bezwaarschrift op te maken voor de drie laatste aanslagjaren.

Mogen wij hopen dat de wetgever ons zo snel mogelijk duidelijkheid brengt en wij binnenkort deel 3 kunnen schrijven???

 

(Auteur: Georges Bauwens, erkend boekhouder-fiscalist BIBF 301 85 790)




Lagere kilometervergoeding vanaf 1 juli 2016

Een werkgever kan een werknemer en een vennootschap kan zijn bedrijfsleider, die hun eigen voertuig gebruiken voor dienstverplaatsingen, vergoeden door:

Terugbetaling van het juiste bedrag:
Dit aan de hand van stukken die uw werknemer u voorlegt, zoals kastickets en facturen. Het is niet steeds evident om de hoogte van deze kosten te bepalen.
Bij een eventuele controle dient men deze kosten te bewijzen. In het geval u als werkgever meer betaalt dan de werkelijke kosten, dan wordt de overschrijding als loon gekwalificeerd, met als gevolg dat er RSZ-bijdragen en belastingen verschuldigd zijn.

Terugbetaling van een forfaitair bedrag
Voor de terugbetaling van kosten heeft u tevens de mogelijkheid om op regelmatige basis (bijvoorbeeld maandelijks met de uitbetaling van de lonen) een forfaitair bedrag terug te betalen. Dergelijk forfaitair bedrag kunt u zelf samenstellen. Wij wijzen u er op dat dit forfait moet overeenkomen met de werkelijke kosten. Indien u meer zou terugbetalen dan de reële kosten, wordt de overschrijding als loon gekwalificeerd.

De overheid heeft echter voor zijn ambtenaren ook een forfaitair bedrag vastgelegd voor de terugbetaling van de kosten die verband houden met het gebruik van de eigen wagen voor beroepsdoeleinden. Dit forfaitair bedrag is tevens van toepassing in de privésector.

Indien u deze forfaitaire kilometervergoeding hanteert, moet u de werkelijke kosten niet bewijzen. In het geval de werkelijke kosten dus minder bedragen dan het forfaitair bedrag loopt u geen risico dat er een herkwalificatie als loon aan te pas komt.

Dit forfaitair bedrag wordt jaarlijks op 1 juli aangepast.

Voor de periode 1/07/2016 – 30/06/2017 bedraagt het bedrag van de forfaitaire kilometervergoeding 0,3363 EUR per kilometer. Er vond dus een daling van dit bedrag plaats.
Deze kilometervergoeding is zowel van toepassing voor werknemers als voor zaakvoerders en bestuurders.

Hoe belastbaar bij de genieter?
De terugbetaalde kosten die de werknemer/bedrijfsleider privatief betaalt, maar ten laste zijn van de werkgever/vennootschap, hebben een beroepsmatig karakter.
Om die reden zijn ze niet belastbaar (kostenvergoedend) bij de genieter.

In welke mate aftrekbaar? Daarvoor geldt de zgn. 30/70-regel. Van de betaalde vergoeding slaat 30% op brandstof, die voor 75% aftrekbaar is. De overige 70% dekt dan alle andere autokosten en is aftrekbaar  naargelang van de CO2-uitstoot van de auto.

Een overzicht van de kilometervergoeding (ongeacht het vermogen van het voertuig) van de voorbije jaren vindt u in onderstaande tabel.

Tabel kilometervergoeding

 

(Auteur: Georges Bauwens, erkend boekhouder-fiscalist BIBF 301 85 790)




Btw-voorschotten voor kwartaalaangevers afgeschaft?

Iedere kwartaalaangever btw kent wel het systeem van de btw-voorschotten.

Het btw-voorschot is gelijk aan 1/3de van het te betalen bedrag van een btw-kwartaal. Het is te betalen uiterlijk de 20ste van de tweede en derde maand die volgen op het einde van een kwartaal.
Heeft u echter nog een btw-tegoed op uw btw-rekening courant staan dat u niet teruggevraagd heeft, dan mag u dat wel verrekenen met de te betalen btw-voorschotten.

Voorbeeld: betaalde u als kwartaalaangever voor het derde kwartaal 2016 9.000 € btw, dan moet u tegen uiterlijk 20 november en 20 december 2016 telkens een bedrag van 3.000 € voorschot btw betalen.
Betaalt u niet tijdig uw btw-voorschot, dan worden er interesten aangerekend van 0,8% per maand !!!!

Eigenlijk is dit geen correct systeem aangezien deze btw-voorschotten ook moeten betaald worden wanneer u tijdens het daaropvolgende kwartaal geen btw zou moeten betalen. Cashflowmatig kan dit voor uw onderneming dan ook een probleem veroorzaken.

Momenteel is er dan ook een wetsontwerp in de maak met de bedoeling om vanaf 2017 de betaling van btw-voorschotten voor kwartaalaangevers af te schaffen. Wordt dus vervolgd en wij houden u uiteraard op de hoogte.

Maar geen voordeel zonder nadeel, zo werkt dat in België!!

De minister heeft immers ook al aangegeven dat kwartaalaangevers vanaf 2017 zullen onderworpen worden aan een zgn. decembervoorschot. Dit systeem bestaat momenteel enkel voor maandaangevers, maar wordt dan uitgebreid naar kwartaalaangevers. Concreet komt het erop neer dat er tegen de 24e van de maand december 2017 een btw-voorschot moet betaald worden dat gelijk is aan de verschuldigde btw van de btw-aangifte van de maand december.

 

(Auteur: Georges Bauwens, erkend boekhouder-fiscalist BIBF 301 85 790)




Alles over de digitale investeringsaftrek van 13,5%

Elke kmo die in 2015 of 2016 een investering doet in digitale betalings- en facturatiesystemen, ICT-beveiligingssystemen of interfaces om online betalen en veiligheid te realiseren, kan genieten van een extra investeringsaftrek. De investeringsaftrek is sinds 1 januari 2016 sowieso verdubbeld van 4 naar 8%, maar voor digitale investeringen is deze opgetrokken naar 13,5%. Zowel uw webbedrijf als uw klanten kunnen dus aanspraak maken op deze takskorting. Voorwaarde is dat de factuur van de leverancier specifieke vermeldingen bevat. Onder meer moet de leverancier bevestigen dat de aftrekvoorwaarden vervuld zijn. Voor facturen van 2015 die nog niet aangepast waren, volstaat een bijlage bij de factuur die deze vermeldingen bevat.

Wat houdt deze maatregel in?
Een onderneming, die bij de oprichting of uitbreiding een investering uitvoert, kan onder bepaalde voorwaarden een investeringsaftrek verkrijgen. Dit is een fiscaal voordeel waarbij men een bepaald percentage van de aanschaffings- of beleggingswaarde van de investeringen uitgevoerd tijdens het belastbaar tijdperk, mag aftrekken van de belastbare winst. Het percentage past men éénmalig toe op de aanschaffings-of beleggingswaarde van de goederen. In enkele gevallen mag men de aftrek spreiden over de afschrijvingsperiode van de investeringen.

Indien de winst onvoldoende is, mogen de investeringsaftrekken die niet kunnen worden verricht, onder bepaalde voorwaarden overgedragen worden op de winsten van de volgende belastbare tijdperken.

Digitale investeringen
In aanmerking komen de digitale vaste activa die dienen voor de integratie en de exploitatie van digitale betalings- en factureringssystemen (ook een betaalterminal komt in aanmerking) en de systemen die dienen voor de beveiliging van informatie- en communicatietechnologie. De investeringsaftrek voor digitale investeringen bedraagt 13,5 % in eenmanszaken en KMO-vennootschappen.

In de programmawet van 10 augustus 2015 werd de verhoogde investeringsaftrek reeds uitgebreid naar digitale investeringen in cybersecurity en elektronische betaling en facturatie. In het K.B. worden de uitvoeringsmodaliteiten van deze maatregel verder bepaald.

De categorieën van digitale investeringen waarvoor deze maatregel van toepassing is zijn :

  1. investeringen in e-commerce,  en meer bepaald voor investeringen in software of apparatuur die:
    – de elektronische betaling vergemakkelijken;
    – dienen voor elektronische facturatie, handtekening of archivering.
  2. investeringen in cybersecurity:
    – software of apparatuur die dienen voor de beveiliging van informatie, netwerken en ICT-installaties;
    – monitoring- en auditinstrumenten voor de beveiligingssystemen van ICT;
    – software of apparatuur die een veiliger beheer van de door de onderneming verzamelde persoonsgegevens mogelijk maken.
  3. Tot slot komen ook aanvullende investeringen, die gepaard gaan met de uitvoering van de twee hierboven vermelde categorieën van investeringen, in aanmerking. In dit geval gaat het om :
    – kosten voor softwareontwikkeling die verband houden met de bovenvermelde investeringen (en hiermee samen worden afgeschreven);
    – investeringen die de interfacing met andere systemen van de onderneming of systemen buiten de onderneming mogelijk maken.

Voorbeeld:
Een KMO koopt in 2016 elektronische betaalterminals aan die de elektronische betaling in haar winkels moet toelaten, voor een bedrag van 50.000 EUR. De investeringsaftrek bedraagt dan 50.000 x 13,5% = 6.750 EUR. Berekend aan het standaardtarief bedraagt het belastingvoordeel voor de onderneming dan 2.294 EUR (=6.750 x 33,99%). of 4,6% van de totale investering.

Wat moet u doen als dienstenleverancier?
Levert uw webbedrijf diensten die onder de bovenvermelde digitale investeringen vallen, dan dient u speciale vermeldingen ofwel op de factuur ofwel in de bijlage te voorzien. U dient immers de conformiteit  van de goederen of diensten te garanderen op basis van de technische criteria die voorkomen in bijlage IIter/1 (KB pagina 72743). Om het u gemakkelijk te maken, maakte FeWeb een modelbijlage op.

Update 16 juni 2016:
De FOD Financiën bevestigt in het geval van het opmaken van een generieke factuur de digitale investeringsaftrek geweigerd zal worden. Het is dus noodzakelijk om de factuur te detailleren zodat de administratie kan nagaan of de digitale investeringen waarvan sprake in het KB overeen komen met wat er gefactureerd werd. Een groter project kan aldus in verschillende onderdelen opgesplitst worden. Daar het een redelijke nieuwe regeling is, bestaan er nog geen omzendbrieven of andere verduidelijkingen die de administratie kunnen helpen bij het interpreteren van het KB.

Welke bedrijven kunnen genieten van deze digitale investeringsaftrek?
Enkel KMO’s (volgens de definitie van art. 15 van het wetboek van vennootschappen), m.a.w. bedrijven die voldoen aan deze voorwaarden (in het laatste afgesloten boekjaar):
– Max 9 miljoen euro jaaromzet
– Max 4,5 miljoen euro balanstotaal
– Max 50 personeelsleden
Maximum één van deze 3 criteria mag overschreden worden om toch nog in aanmerking te komen.

Update 23 juni 2016
In een antwoord op de mondelinge vraag van Kamerlid Luk Van Biesen (Open VLD) bevestigt Minister De Croo dat de digitale investeringsaftrek wel degelijk betrekking heeft op de website of webshop in zijn geheel.
“Wanneer de investering een onlosmakelijk geheel vormt met daarin functies met betrekking tot digitale betalingen en/of beveiliging, zullen deze investeringen voor hun volledige aanschaffingswaarde aanspraak kunnen maken op de investeringsaftrek voor digitale vaste activa.” Tenzij de investeringen duidelijk identificeerbaar zijn, dan dienen ze apart vermeld te worden op de factuur en zal de digitale investeringsaftrek enkel gelden voor deze identificeerbare elementen.

Meer info:
Uitleg over investeringsaftrek door Agentschap Ondernemen
Uitleg over investeringsaftrek door FOD Financiën
Link naar het KB van 2/12/2015

 

Bron: FeWeb