1

Wat brengt de toekomst voor VVPR bis en VVPR ter?

KMO-vennootschappen die aan de voorwaarden voldoen kunnen dividenden uitkeren aan het verminderde tarief van 15% roerende voorheffing (VVPR bis).

Als ondernemer en/of KMO-vennootschap mogen wij dan ook blij zijn dat deze maatregel in het regeerakkoord De Wever I gevrijwaard is gebleven.

KMO-vennootschappen dewelke niet in aanmerking komen voor VVPR bis, maakten in het verleden vaak gebruik van de VVPR ter regeling. Wellicht beter bekend als het aanleggen van liquidatiereserves.

Het aanleggen van deze liquidatiereserves heeft een afzonderlijke vennootschapsbelasting van 10% tot gevolg maar heeft wel als voordeel dat deze liquidatiereserves kunnen uitgekeerd worden aan een verminderd tarief roerende voorheffing of zelfs zonder roerende voorheffing in plaats van 30%:

  • Na een sperperiode van 5 jaar: 5% roerende voorheffing
  • Bij liquidatie vennootschap: 0% roerende voorheffing

De VVPR ter regeling zal in de toekomst licht gewijzigd worden met dien verstande dat er twee wijzigingen zullen worden ingevoerd:

  • De sperperiode wordt ingekort tot 3 jaar in plaats van 5 jaar
  • Het tarief roerende voorheffing bij uitkering na de sperperiode wordt opgetrokken van 5% naar 6,5%

Na invoering van deze wijzigingen zal de fiscale druk op deze VVPR ter dividenden gelijk zijn aan 15% (afzonderlijke belasting 10% + 6,5% roerende voorheffing) als deze worden uitgekeerd na een sperperiode van 3 jaar. Worden deze liquidatiereserves uitgekeerd naar aanleiding van de liquidatie van de vennootschap zal er net zoals op vandaag geen roerende voorheffing meer verschuldigd zijn.

Wij mogen dan ook concluderen dat de regeringsonderhandelaars op het vlak van VVPR bis en VVPR ter zeer billijk zijn geweest.

 

(Auteur: Edwin Van Lommel – Fiscaal Accountant 11308681 – 27/02/2025)




In de toekomst meer bedrijfsleidersbezoldiging uitkeren door uw vennootschap?

KMO-vennootschappen kunnen genieten van het verlaagde tarief in de vennootschapsbelasting (20% op de eerste 100.000 euro belastbare winst) als ze aan een aantal voorwaarden voldoen.

Eén van de voorwaarden is dat er voldoende bedrijfsleidersbezoldiging wordt uitgekeerd aan één van de bedrijfsleiders. Vandaag bedraagt deze minimale bezoldiging 45.000 euro inclusief voordelen alle aard of de minimale bezoldiging van één van de bedrijfsleiders moet hoger zijn dan de belastbare winst in de vennootschap.

Het regeerakkoord De Wever I voorziet in de toekomst in een verhoging van deze bezoldigingsvoorwaarde. Deze bedrijfsleidersbezoldiging zal minimaal 50.000 euro moeten bedragen en dit bedrag zal jaarlijks geïndexeerd worden.

Bovendien zullen de voordelen alle aard in dit bedrag bedrijfsleidersbezoldiging maximaal 20% mogen bedragen.

Het valt dan ook te verwachten dat het aangewezen zal worden om uw huidige bedrijfsleidersbezoldiging uit de vennootschap in de nabije toekomst fiscaal te analyseren van zodra deze nieuwe regelgeving een feit wordt.

Er zal immers dienen te worden nagegaan of de verhoging van de bedrijfsleidersbezoldiging wel opweegt tegen het verlies van het KMO-tarief in de vennootschapsbelasting!

 

(Auteur: Edwin Van Lommel – Fiscaal Accountant 11308681 – 27/02/2025)




De meerwaardebelasting wordt een feit!

Er is eind 2024 veel geschreven over de nota’s De Wever en de mogelijke fiscale impact voor de KMO’s en de ondernemer. Ondertussen is de regering De Wever I gevormd en dienen wij te onthouden dat deze regering in het regeerakkoord tal van fiscale maatregelen heeft opgenomen.

Er zal ondermeer een algemene solidariteitsbijdrage, lees meerwaardebelasting in de personenbelasting, komen van 10% op de toekomstige gerealiseerde meerwaarden op financiële activa opgebouwd vanaf het moment van de invoering van deze bijdrage.

Welke activa allemaal in aanmerking dienen genomen te worden is nog niet duidelijk maar wel staat reeds vast dat aandelen, beleggingsfondsen en crypto-activa geviseerd zijn.

Er zal een vrijstelling gelden van 10.000 euro per kalenderjaar en deze vrijstelling zal jaarlijks geïndexeerd worden.

Wat de aandelen betreft is er voorzien in een uitzondering. In het geval een natuurlijke persoon een aanmerkelijk belang aanhoudt, nl. 20% van de aandelen in een vennootschap, wordt er voorzien in een vrijstelling van 1.000.000 euro en een trapsgewijze taxatie van toekomstige meerwaarden:

  • Meerwaarde tussen 1 en 2,5 mio:         1,25%
  • Meerwaarde tussen 2,5 en 5 mio:         2,5%
  • Meerwaarde tussen 5 en 10 mio:          5%
  • Meerwaarde boven 10 mio:                   10%

Gerealiseerde minderwaarden mogen in mindering gebracht worden van meerwaarden maar zullen fiscaal niet overdraagbaar worden naar andere jaren.

Gezien er nu reeds meningsverschillen zijn tussen de verschillende regeringspartijen omtrent de inhoud hiervan in het regeringsakkoord, valt het tevens te verwachten dat hierover het laatste nog niet geschreven zal zijn.

 

(Auteur: Edwin Van Lommel – Fiscaal Accountant 11308681 – 27/02/2025)




Abeka nodigt u uit op het ondernemersevent ABE25

Op donderdag 13 maart 2025 wordt in Kinepolis Antwerpen het ondernemersevent ABE25 georganiseerd.

ABE25 staat voor Antwerps Business Event 2025 en is een evenement voor ondernemers en KMO’s georganiseerd door KMO’s met als doelstelling waardevolle lokale zakelijke contacten te leggen.

Ook Abeka is present en wij kunnen de lezers van onze nieuwsbrief een gratis ticket aanbieden ter waarde van 28 euro. Hiervoor volstaat het om een bericht te sturen aan Bruno@abeka.be.

Het management en enkele medewerkers van Abeka verwelkomen u graag voor een persoonlijk onderhoud met een hapje en een drankje op de Abeka-stand.

Tot eerstdaags!

 

(Auteur: Edwin Van Lommel – Fiscaal Accountant 11308681 – 30/01/2025)




BTW-boete laten kwijtschelden?

Inbreuken inzake BTW-reglementering worden zwaar bestraft met niet-proportionele of proportionele boetes.

Een niet-proportionele boete is een vast bedrag voor bijvoorbeeld een laattijdige indiening van de BTW-aangifte.

Een proportionele boete is een percentage van het bedrag dat u verschuldigd bent aan de overheid ten gevolge van bijvoorbeeld vaststellingen naar aanleiding van een BTW-controle. Ten gevolge deze vaststellingen wordt het bedrag inzake BTW vastgesteld door de fiscus en verhoogd met een percentage als boete.

Er kan een kwijtschelding van boete gevraagd worden als voldaan is aan de volgende voorwaarden:

  • Overtreding ter goeder trouw
  • Eerste overtreding van dezelfde aard in de periode van 4 jaar voorafgaand aan het tijdstip waarop de overtreding is begaan.
  • De overtreding is rechtgezet en er werd voldaan aan de aangifteverplichtingen

Om deze kwijtschelding te vragen zal er bovendien een gemotiveerd verzoekschrift ingediend moeten worden.

Niet alle boetes komen in aanmerking voor kwijtschelding! Zo zal u nooit een kwijtschelding kunnen bekomen voor de opgelegde boete wegens de laattijdige indiening van de periodieke BTW-aangifte of de nieuwe boetes vanaf 01/01/2025 wegens de laattijdige betaling van de verschuldigde BTW (5%-10%-15%).

U kan nagaan op de website van FOD Financiën of de overtreding waarvoor u werd beboet wel in aanmerking komt voor het nieuwe boetebeleid.

Moraal van het verhaal blijft toch om tijdig zorg te dragen voor al Uw BTW-verplichtingen! Beter voorkomen dan genezen.

 

(Auteur: Edwin Van Lommel – Fiscaal Accountant 11308681 – 30/01/2025)




Beoordeel uw afrekening sociale bijdragen van het 1e kwartaal 2025 en onderneem actie!

Zelfstandigen zijn onderworpen aan sociale bijdragen en ontvangen hiervoor van de sociale kas een uitnodiging tot betaling. De voorlopige sociale bijdragen 2025 worden bepaald op basis van het geherwaardeerde inkomen 2022.

Indien u in de praktijk vaststelt dat uw afrekening 01/2025 zwaar afwijkt van de sociale bijdragen in 2024, dan is het aangewezen om deze afrekening verder te beoordelen. Toch zeker als uw inkomen zo goed als ongewijzigd is gebleven. Het is immers niet uitgesloten dat u te veel of te weinig voorlopige sociale bijdragen 2025 zal betalen!

Het is dan ook belangrijk om de voorlopige sociale bijdragen 2025 zo correct mogelijk in te schatten en te betalen en dit om de volgende redenen:

  • Een zware toekomstige afrekening kan worden voorkomen
  • De betaalde sociale bijdragen zijn fiscaal aftrekbaar in de personenbelasting.

Is de afrekening voorlopige sociale bijdragen 2025 voor u niet zonneklaar, leg ze dan voor aan een professionele beroepsbeoefenaar voor verdere beoordeling en advies.

 

(Auteur: Edwin Van Lommel – Fiscaal Accountant 11308681 – 30/01/2025)




Geen 10% belastingverhoging meer?

In onze nieuwsbrief van december 2024 stelden wij ons de vraag of België misschien een fiscaal sanctie-schandaal had?

De fiscus deelde immers bij fouten en rechtzettingen in de aangiften personen- en vennootschapsbelasting standaard belastingverhogingen van 10% uit.

Het Grondwettelijk Hof was in een recent arrest van mening dat er geen belastingverhoging kon worden opgelegd van 10% bij vergissingen ter goeder trouw.

Onze Minister van Financiën heeft ondertussen dit standpunt van het Grondwettelijk Hof bijgetreden. Zodoende mogen wij verwachten dat de fiscus in de nabije toekomst geen belastingverhogingen van 10% meer zal opleggen bij vergissingen ter goeder trouw.

Dit is zeker goed nieuws en vooral inzake vennootschapsbelasting. Bij een verhoging van de belastbare basis in de vennootschapsbelasting en met toepassing van een belastingverhoging van 10%, konden er immers geen overdraagbare fiscale verliezen in rekening gebracht worden. Dit had tot gevolg dat deze rechtzettingen altijd werden belast in de vennootschapsbelasting en dit ondanks het gegeven dat er nog fiscale verliezen uit het verleden te recupereren waren.

Heeft u in een recent verleden nog een belastingverhoging van 10% opgelegd gekregen vergeet dan ook niet om uw beroepsmogelijkheden uit te putten. Is de bezwaarperiode reeds verstreken, dan kan u nog altijd een beroep doen op de Cel administratieve sancties (CAS)

 

(Auteur: Edwin Van Lommel – Fiscaal Accountant 11308681 – 30/01/2025)




Fijne eindejaarsfeesten!

Abeka en haar medewerkers danken u voor het gestelde vertrouwen in 2024 en wensen u prettige eindejaarsfeesten en een gelukkig en gezond 2025.

De kantoren zullen gesloten zijn vanaf maandag 23/12/2024 tot en met vrijdag 03/01/2025.

Vanaf maandag 06/01/2025 staan de medewerkers terug paraat om u opnieuw naar behoren te ontzorgen.




De wettelijke pensioenleeftijd wordt vanaf 01/01/2025 66 jaar – quid fiscale druk IPT?

De politieke elite maakte in het verleden reeds duidelijk dat men van ieder verwacht om langer bij te dragen aan de schatkist.

Vanaf 01/01/2025 wordt hiervoor de wettelijke pensioenleeftijd opgetrokken naar 66 jaar en vanaf 01/01/2030 zal deze nogmaals worden opgetrokken naar 67 jaar.

Het optrekken van deze wettelijke pensioenleeftijd kan een fiscale impact hebben op de fiscale druk bij de uitkering van uw IPT-verzekering.

Bij uitbetaling van het kapitaal van deze IPT-verzekering op de wettelijke pensioenleeftijd bedraagt het tarief 10% te verhogen met gemeentebelasting. De voorwaarde hiervoor is wel dat u actief gebleven bent tot op datum van de wettelijke pensioenleeftijd of minstens een loopbaan van 45 jaren op de teller heeft staan.

Is dit niet het geval dan zal u bij de uitkering van het kapitaal in Uw IPT-verzekering vanaf 01/01/2025 tot en met 31/12/2029 rekening moeten houden met de volgende tarieven:

  • Vanaf 60 jaar 20%
  • Vanaf 61 jaar 18%
  • Tussen 62 en 65 jaar 16,5%
  • Vanaf 66 jaar of loopbaan 45 jaar 10%

Voor de volledigheid willen wij nog benadrukken dat de winstdeelname in de IPT-verzekering niet belast wordt in de personenbelasting. Weet ook dat voorafgaand aan de taxatie in de personenbelasting de verzekeringsmaatschappij gehouden wordt om een solidariteitspremie (0%-2%) en een RIZIV-bijdrage (3,55%)  in te houden op het uitgekeerde kapitaal.

Uw activiteiten staken voor de wettelijke pensioenleeftijd of voordat u 45 jaren loopbaan op de pensioenteller heeft staan zal dus fiscaal afgestraft worden.

 

(Auteur: Edwin Van Lommel – Fiscaal Accountant 11308681 – 19/12/2024)




Betaal vanaf 2025 de verschuldigde BTW maar best op tijd!

Vanaf 2025 zullen maandaangevers de verschuldigde BTW aan de schatkist uiterlijk de 20e van de maand volgend op de afgesloten maand moeten voldoen. Kwartaalaangevers zullen de verschuldigde BTW uiterlijk moeten afdragen de 25e dag van de maand volgend op het afgesloten kwartaal.

In het verleden werden laattijdige betalingen van de verschuldigde BTW gesanctioneerd met verwijlintresten en bij het openen van een bijzondere rekening met een fiscaal niet aftrekbare verhoging van 15%.

In de nabije toekomst zullen laattijdige betalingen van de verschuldigde BTW zwaarder gesanctioneerd worden:

  • Tijdige aangifte + laattijdige betaling = verwijlintresten + verhoging 5%.
  • Laattijdige aangifte + laattijdige betaling = verwijlintresten + verhoging 10%.
  • Niet ingediende aangifte = verwijlintresten + verhoging 15%.

Een gewaarschuwd BTW-plichtige is er 2 waard en het lijkt dan ook aangewezen om de betalingen van de verschuldigde BTW goed aan te stippen in uw agenda om zure en fiscaal niet aftrekbare verhogingen te voorkomen.

Zorg er tevens voor dat uw accountant tijdig in het bezit wordt gesteld van de noodzakelijke bescheiden met het oog op de BTW-aangiften.

 

(Auteur: Edwin Van Lommel – Fiscaal Accountant 11308681 – 19/12/2024)