1

Vooraf betalen is geld besparen!

11 juli 2022 is de eerstvolgende datum die u kan aanstippen in de agenda om een voorafbetaling te organiseren in de vennootschapsbelasting of personenbelasting.

Vennootschappen die gehouden zijn tot voorafbetalingen kunnen er immers de aanzienlijke belastingvermeerdering van 6,75% mee neutraliseren of reduceren. Meer info vindt u in deze link.

Ook zelfstandigen kunnen een belastingvermeerdering van 2,25% vermijden of reduceren. Meer info vindt u hier.

In de wetenschap dat deze belastingvermeerderingen fiscaal niet aftrekbaar zijn is een voorafbetaling een goede beslissing. Beschikt u over onvoldoende liquide middelen om deze voorafbetaling uit te voeren dan is uw financiële instelling ten allen tijde bereid om deze voorafbetaling te financieren. En dit in de wetenschap dat deze intresten, die aanzienlijk lager zijn dan de belastingvermeerdering, fiscaal wel aftrekbaar zijn.

Voor een persoonlijk advies in uw dossier kan u contact opnemen met uw dossierbeheerder.

 

(Auteur: Edwin Van Lommel – Fiscaal Accountant 11308681 – 30/06/2022)




Vermijd belastingverhogingen door tijdig uw voorafbetalingen 2022 te organiseren!

Om belastingverhogingen te vermijden, is het noodzakelijk om tijdig voorafbetalingen uit te voeren op uw uiteindelijke belasting. Deze voorafbetalingen zijn niet verplicht maar in het geval u nalaat om deze te organiseren, zal dit aanleiding geven tot niet aftrekbare belastingverhogingen!

Indien uw vennootschap geen voorafbetalingen doet, dan zal de fiscus u een belastingvermeerdering van 6,75% aanrekenen. Bent u zelfstandige (eenmanszaak), dan bedraagt de belastingvermeerdering in de personenbelasting 2,25%.

Er zijn 4 tijdstippen waarop u voorafbetalingen 2022 kan doen:

  • vóór 11 april 2022
  • vóór 11 juli 2022
  • vóór 10 oktober 2022
  • vóór 20 december 2022

Vennootschappen met een boekjaar te paard dienen andere data te respecteren, dewelke zijn afgestemd op de afsluitdatum van het boekjaar.

De betaalde voorschotten geven aanleiding tot een vermindering van de belastingverhoging. Hoe sneller de voorafbetaling, hoe groter de vermindering van de belastingverhoging.

Kleine jonge vennootschappen en starters zijn de eerste 3 boekjaren niet gehouden tot voorafbetalingen indien aan alle voorwaarden wordt voldaan.


Voorafbetaling vennootschappen
:

  • betaal op rekening: BE61 6792 0022 9117 (BIC: PCHQBEBB) van het Inningscentrum – Dienst Voorafbetalingen
  • de gestructureerde mededeling die u moet gebruiken, kunt u aan de hand van het ondernemingsnummer berekenen via deze link.

Meer info vindt u hier.

 

Voorafbetaling personenbelasting:

  • betaal op rekening: BE61 6792 0022 9117 (BIC: PCHQBEBB) van Dienst Voorafbetalingen – Natuurlijke personen
  • met de gestructureerde mededeling die u vindt in Myminfin.

Meer info vindt u hier.

 

Maak dus zo spoedig mogelijk een prognose van de verschuldigde belastingen 2022, zorg voor een voorafbetaling en vermijd op deze manier de aanzienlijke en niet aftrekbare belastingverhogingen. Een eventuele financiering van de voorafbetalingen is voordeliger dan de belastingverhoging en bovendien zijn de intresten van een financiering wel fiscaal aftrekbaar.

 

(Auteur: Edwin Van Lommel – Fiscaal Accountant 11308681 – 31/03/2022)




Wanneer is een laadpaal voor u 200% aftrekbaar?

Als Uw onderneming een laadpaal koopt vóór 31 december 2022, dan kan deze investering voor 200% in aftrek worden genomen. Doet u de investering pas in 2023 of 2024, dan zal de aftrek nog 150% van de investering bedragen.

De nieuwe wet (art. 64quarter WIB 92, BS 03/12/2021) stelt een aantal voorwaarden:

  • een nieuwe en slimme laadpaal waarbij de laadtijd en het laadvermogen wordt doorgegeven aan een centraal beheerssysteem;
  • afschrijven over minstens vijf jaar;
  • publiek toegankelijk: de laadpaal moet voor iedereen toegankelijk zijn tijdens de normale openings- of sluitingstijden van uw onderneming;
  • verplichte registratie: u moet de laadpaal laten registreren bij de FOD Financiën en op deze website. Op die manier weten derden dat ze uw laadpaal kunnen gebruiken.

Indien er toepassing gemaakt wordt van de verhoogde afschrijving zal er geen combinatie mogelijk zijn met de investeringsaftrek van 25% (tot 31/12/2022).

Koopt de onderneming een laadpaal voor “eigen” gebruik, dan zal u geen aanspraak kunnen maken op de verhoogde kostenaftrek van 200% of 150%. Uw investering zal dan in principe voor 100% aftrekbaar zijn aangezien de aftrekbeperking voor autokosten niet geldt, en er kan genoten worden van de investeringsaftrek indien er “uitsluitend” beroepsmatig gebruik kan worden aangetoond.

 

(Auteur: Edwin Van Lommel – Fiscaal Accountant 11308681 – 28/02/2022)




VVPR-bis dividenden: wijzigingen vanaf 1 januari 2022!

Wanneer u een dividend door uw vennootschap laat uitkeren, dan dient u daar in principe 30% roerende voorheffing op te betalen. Dankzij het VVPR-bis regime kunnen dividenden die voortkomen uit aandelen op naam van kleine vennootschappen, onder bepaalde voorwaarden, aan een verlaagd tarief (15% of 20%) van roerende voorheffing onderworpen worden.

Om te kunnen genieten van dit gunstregime, moeten de aandelen volgestort en uitgegeven zijn naar aanleiding van een inbreng in geld vanaf 1 juli 2013. Een belangrijke bijkomstige voorwaarde is evenwel dat de aandelen geen enkele voorkeursbehandeling mogen genieten, m.a.w. niet preferent mogen zijn.

Sinds 1 mei 2019 moeten besloten vennootschappen (BV) geen verplicht minimumkapitaal van € 18.550 volstorten. Heel wat BV’s met een nog niet volgestort kapitaal hebben n.a.v. deze wijziging WVV aandeelhouders vrijgesteld van de volstorting. Een wetswijziging van 21 januari 2022 bepaalt nu dat vanaf 1 januari 2022 het VVPR-bis regime niet meer kan toegepast worden na zo’n vrijstelling van volstortingsplicht, tenzij u vóór 1 januari 2023 een geldinbreng doet bij de notaris tot volstorting van het kapitaal. Let wel, die inbreng mag de uitgifte van nieuwe aandelen niet tot doel hebben!

Aandelen met een meervoudig stemrecht zijn vanwege de wet van 21 januari 2022 niet uitgesloten van de VVPR-bis.

Hebt u meerdere vennootschappen en haalt u geld als dividend uit de ene vennootschap om in te brengen in een andere vennootschap, dan kan dit recht geven op VVPR-bis dividenden. Haalt u echter geld uit een vennootschap door een liquidatiereserve uit te keren met slechts 5% roerende voorheffing, dan zal de inbreng hiervan in de andere vennootschap geen recht meer geven op de VVPR-bis.

 

(Auteur: Edwin Van Lommel – Fiscaal Accountant 11308681 – 28/02/2022)




Investeringsaftrek van 25% tot en met eind 2022

De Corona-wet III verhoogde vorig jaar de gewone investeringsaftrek van 8% naar 25% voor investeringen gedaan tussen 12 maart 2020 en 31 december 2020 en dit voor zelfstandigen en kleine vennootschappen. Deze maatregel werd verlengd voor investeringen gedaan tot 31 december 2022.

De investeringsaftrek heeft als doel zelfstandigen en KMO’s aan te moedigen om productieve investeringen te doen. De investeringsaftrek is een fiscaal voordeel waarbij je een bepaald percentage van de investering kan aftrekken van de belastbare winst.

Om in aanmerking te komen voor de toepassing van de gewone investeringsaftrek, moeten volgende voorwaarden cumulatief vervuld zijn:

  • investeringen door zelfstandigen die winsten of baten behalen of vennootschappen die wettelijk als klein worden aangemerkt;
  • investeringen in materiële of immateriële vaste activa die over een periode van ten minste drie jaar afgeschreven kunnen worden;
  • investeringen die tijdens het belastbaar tijdperk in nieuwe staat zijn verkregen of tot stand gebracht;
  • investeringen die in België werkelijk en uitsluitend voor de beroepswerkzaamheid worden gebruikt.

Noteer dat niet alle investeringen in aanmerking komen voor de investeringsaftrek zoals onder meer de investeringen in nieuwe personenwagens.

 

Een concreet voorbeeld:

Een vennootschap koopt in 2021 een nieuwe machine met een kostprijs van € 30.000.

De investeringsaftrek voor deze investering bedraagt dan € 7.500 (25% van € 30.000). Niet alleen kunnen de afschrijvingen op deze machine pro rata ten laste van het belastbare resultaat worden gelegd, maar bovendien geniet de vennootschap nog een aanvullend fiscaal voordeel van 1.500 euro indien het KMO-tarief van 20% wordt genoten of een fiscaal voordeel van € 1.875 indien de winsten belast worden aan het tarief van 25%.

Voor zelfstandigen kan het belastingvoordeel nog hoger zijn daar de winsten/baten belast worden aan de progressieve tarieven personenbelasting.

Met een noodzakelijke investering vóór het einde van het boekjaar 2021 kan dan ook het fiscaal resultaat nog worden geoptimaliseerd!

 

(Auteur: Edwin Van Lommel – Fiscaal Accountant 11308681 – 30/11/2021)




Tegoeden in de vennootschapsbelasting AJ 2021 sneller recupereren?

Vennootschappen, dewelke hun boekjaren afsluiten op 31/12/2020 of vóór 01/03/2021, zijn gehouden om uiterlijk op 28 oktober 2021 de aangifte vennootschapsbelasting (BIZTAX) in te dienen.

FOD Financiën bevestigde in een bericht van 27 augustus 2021 dat de snelle indieners, met een recht op terugbetaling, voorrang zullen krijgen bij de verwerking. Dit betekent dan ook dat vennootschappen sneller, lees vóór eind december 2021, over deze tegoeden zullen kunnen beschikken bij een indiening van de aangifte BIZTAX vóór 01 oktober 2021.

Het volledige bericht van FOD Financiën kan U consulteren op deze website.

Zijn er geen belastingtegoeden dan heeft het geen zin om de sprint in te zetten. Wel dienen de vennootschappen in kwestie de uiterste indieningsdatum van 28 oktober 2021 in de gaten te houden.

Een laattijdige aangifte heeft immers nare en financiële gevolgen!

 

(Auteur: Edwin Van Lommel – Fiscaal Accountant 11308681 – 27/09/2021)




Vergeet Uw vrijgestelde reserves niet te mobiliseren tegen gunsttarief!

Vele vennootschappen werken aan de jaarrekening 2020 en zullen deze eerstdaags goedkeuren.

Noteer dat voor Aj 2021 en 2022 vrijgestelde reserves, die hiervoor in aanmerking komen, kunnen belast worden aan het voordelige tarief van 15% en/of 10% indien hier investeringen tegenover staan.

Vrijgestelde reserves zijn winsten waarop de vennootschap in het verleden geen vennootschapsbelasting heeft betaald zoals bijvoorbeeld de investeringsreserve. Vroeg of laat worden deze vrijgestelde reserves alsnog onderworpen aan het normale tarief vennootschapsbelasting. Bijvoorbeeld bij een liquidatie van de vennootschap of als deze vrijgestelde reserves worden uitgekeerd als dividend.

Door een vervroegde mobilisatie van deze vrijgestelde reserves kan U inzake vennootschapsbelasting met andere worden een belastingvoordeel van maximaal 15% genieten.

Zeker zinvol indien de vennootschap op korte termijn zal geliquideerd worden of zal overgaan tot een uitkering van deze belastingvrije reserves als dividend. Zijn er niet onmiddellijk plannen in die richting of heeft de vennootschap onvoldoende middelen, dan kan zij overwegen om geen toepassing te maken van deze mogelijkheid en de uitgespaarde cash verder te laten renderen in de vennootschap.

 

(Auteur: Edwin Van Lommel, fiscaal accountant ITAA 11308681 – 03/05/2021)




Voorafbetalingen vennootschapsbelasting – personenbelasting 21/12/2020

Vennootschappen, waarvan het boekjaar afsluit op 31/12/2020, alsook de eenmanszaken, hebben nog de mogelijkheid om een laatste voorafbetaling uit te voeren vóór 21/12/2020.

Voorafbetalingen reduceren of neutraliseren de aanzienlijke niet aftrekbare belastingverhogingen, dewelke worden opgelegd bij onvoldoende of geen voorafbetalingen.  (Aj 2021 = 6,75% voor vennootschappen en 2,25% voor eenmanszaken)

Vennootschappen en eenmanszaken dienen hun voorafbetalingen uit te voeren op het volgende rekeningnummer en met vermelding van de gestructureerde mededeling:

  • BE61 6792 0022 9117 (BIC: PCHQ BEBB) van het ‘Inningscentrum – Dienst voorafbetalingen’ met adres Koning Albert II-laan 33, 1030 Brussel

De gestructureerde mededeling kan U terugvinden op Myminfin of samenstellen op basis van Uw ondernemingsnummer: https://financien.belgium.be/nl/gestructureerde-mededeling

 

(Auteur: Edwin Van Lommel, fiscaal accountant ITAA 11308681)




Opfrissing hervorming vennootschapsbelasting: maatregelen van toepassing vanaf 2020

In wat volgt bezorgen wij u bij wijze van opfrissing een kort overzicht van de voornaamste maatregelen die door de hervorming van de vennootschapsbelasting (in uitvoering van het zogenaamde zomerakkoord) vanaf aanslagjaar 2021 (voor een belastbaar tijdperk dat ten vroegste aanvangt op 1 januari 2020) in werking treden.

Verdere tariefdaling
Het basistarief in de vennootschapsbelasting daalt van 29% naar 25%. Voor kleine vennootschappen blijft het tarief van 20% behouden op de eerste schijf belastbare grondslag tot 100.000 euro.
De crisisbijdrage van 2% wordt voor alle vennootschappen volledig afgeschaft.

Criterium marktrente verduidelijkt
Wanneer een vennootschap interesten betaalt die hoger zijn dan “de overeenkomstig de marktrente geldende rentevoet”, dan is het gedeelte van deze interesten boven deze marktrente niet aftrekbaar als beroepskost. Daarnaast kan de administratie het overdreven deel van deze interesten herkwalificeren als dividenden.

In de praktijk bestaat er reeds lange tijd discussie over hoeveel deze marktrente nu precies bedraagt. Om aan deze discussies een einde te maken, wordt het bedrag van deze ‘marktrente’ voortaan wettelijk vastgelegd. Het betreft de door de Nationale Bank van België bekend gemaakte “MFI rentevoet voor leningen voor een bedrag tot 1 000 000 euro met variabel tarief en initiële rentebepaling tot een jaar verstrekt aan niet-financiële vennootschappen gesloten in de maand november van het kalenderjaar voorafgaand aan het kalenderjaar waarop de interesten betrekking hebben”, verhoogd met 2,5%. Dit tarief is vrij te raadplegen op de website van de Nationale Bank. Indien u deze maatregel in 2019 reeds vrijwillig had toegepast, bedroeg de marktrente 4,09% (1,59% verhoogd met 2,5%).

Deze nieuwe bepaling is van toepassing op de interesten die betrekking hebben op periodes na 31 december 2019.

Degressieve afschrijvingen zijn niet langer mogelijk
Het degressief afschrijvingsstelsel wordt afgeschaft in de vennootschapsbelasting. Daarnaast moeten kleine vennootschappen voortaan verplicht pro-rata temporis afschrijven voor het jaar van de investering. Bovendien mogen kleine vennootschappen de bij de aankoop komende kosten ofwel ineens afschrijven tijdens het belastbare tijdperk waarin de kosten zijn gemaakt, ofwel op dezelfde wijze als de hoofdsom van de aanschaffings- of beleggingswaarde van de desbetreffende vaste activa.

De wijziging van de afschrijvingsregimes is van toepassing op de vaste activa die worden verkregen of tot stand gebracht vanaf 1 januari 2020.

Disconto op schulden
Het in resultaat nemen van een disconto voor schulden zal met betrekking tot niet-afschrijfbare activa (bv. aandelen of antiek), niet langer als aftrekbare kost worden aanvaard voor zover de aankoopprijs lager is dan de werkelijke waarde verhoogd met het disconto.

Verrekening van beroepsverliezen van buitenlandse vaste inrichtingen en van buitenlands vastgoed
Verliezen geleden binnen een buitenlandse vaste inrichting of met betrekking tot in het buitenland gelegen activa waarover de vennootschap beschikt (bv. vastgoed) en waarvan de winsten behaald in deze inrichtingen of door middel van deze activa bij verdrag worden vrijgesteld in België, zijn nog slechts aftrekbaar in België voor zover deze verliezen definitief zijn en ze geleden zijn in de EER. De belastingplichtige moet met andere woorden alle mogelijkheden in het buitenland hebben uitgeput om de verliezen daar in aftrek te brengen.

De nieuwe regeling is niet van toepassing voor de overgedragen verliezen bestaande uit verliezen van buitenlandse vaste inrichtingen die werden in mindering gebracht op de Belgische winst in belastbare tijdperken die aanvangen voor 1 januari 2020.

Vrijgestelde reserves kunnen tijdelijk voordelig omgezet worden in belaste reserves
Vennootschappen met vrijgestelde reserves worden tijdelijk aangezet die reserves om te zetten in belaste reserves aan een verlaagd tarief. De maatregel geldt voor de aanslagjaren 2021 en 2022. De vrijgestelde reserves die voor die regeling in aanmerking komen, zijn diegene die bestonden op het einde van het laatste belastbare tijdperk dat afsluit vóór 1 januari 2017. Het verlaagd tarief bedraagt 15%, en daalt verder tot 10% voor zover het bedrag geïnvesteerd wordt in:

  • materiële vaste activa, andere dan deze vermeld in art. 75,5° WIB92 (bv. personenauto’s) of immateriële vaste activa;
  • die afschrijfbaar zijn; en
  • die niet gelden als herbelegging voor de gespreide belasting van meerwaarden.

Deze gunstmaatregel geldt als minimum belastbare grondslag. Er zijn geen fiscale aftrekken mogelijk of er mag niet gecompenseerd worden met het verlies van het belastbaar tijdperk. Er mogen geen voorheffingen, FBB en belastingkredieten worden verrekend. De vermeerdering wegens onvoldoende voorafbetalingen is van toepassing.

Een aantal vrijgestelde reserves komen niet in aanmerking voor deze omzetting (o.a. gespreid te belasten meerwaarden, meerwaarden m.b.t. bedrijfsvoertuigen en binnenschepen, vrijgestelde waardeverminderingen en voorzieningen, kapitaalsubsidies).

Aftrekbeperking van bepaalde uitgaven
Volgende kosten zijn niet langer aftrekbaar en moeten volledig in de verworpen uitgaven worden opgenomen:

  • aanslag geheime commissielonen;
  • administratieve boetes (bijvoorbeeld proportionele btw-boetes).

Het tarief van 50% van de aanslag geheime commissielonen in het geval van vrijwillige opname van verdoken meerwinsten in de boekhouding wordt opgeheven.

De 120% aftrekbaarheid van kosten verdwijnt en wordt verlaagd naar 100%. Deze maatregel heeft een impact op o.a. de aftrekbaarheid van kosten voor elektrische wagens en het collectief vervoer van personeelsleden voor woon-werkverkeer.

Autokosten in de vennootschapsbelasting
Er wordt een nieuwe CO2-formule voor de berekening van de fiscale aftrekbaarheid van autokosten ingevoerd. Deze formule zal eveneens van toepassing zijn voor de aftrek van brandstofkosten.

 

(Bron: Lexalert – Cazimir Advocaten)




Nog snel investeren vóór 31/12/2019?

De derde fase uit het zomerakkoord 2017 treedt in werking vanaf 01/01/2020. Voor KMO-vennootschappen heeft deze derde fase ondermeer een gevolg op de fiscaliteit met betrekking tot de investeringen:

  • Tot en met 31/12/2019 kan de KMO-vennootschap een investeringsaftrek genieten van 20% dewelke ten hoogste 1 jaar overdraagbaar is. Deze investeringsaftrek is van toepassing op nieuwe activa, die door de KMO-vennootschap uitsluitend voor de beroepsactiviteit worden gebruikt en over een periode van minstens 3 jaar worden afgeschreven. De investeringsaftrek wordt gereduceerd naar 8%.
  • Vanaf 01/01/2020 moeten de afschrijvingen pro rata temporis berekend worden. Dit impliceert dat de afschrijvingen op nieuwe activa in het aanschaffingsjaar slechts afgeschreven worden vanaf de datum van de aankoop. (bedrag investering * % * xxx/365). De bijkomende kosten op de investeringen moeten éénmalig afgetrokken worden of hetzelfde afschrijvingsritme als de hoofdzaak ondergaan.
  • Er kunnen geen degressieve (versnelde) afschrijvingen meer toegepast worden op nieuwe investeringen na 31/12/2019. Dit fiscale gunstregime wordt met andere woorden afgeschaft.

Rekening houdende met voorgaande, de verdere daling van de tarieven inzake vennootschapsbelasting en op basis van de resultaten van Uw KMO-vennootschap kan het zeker aangewezen zijn om Uw investering nog snel te realiseren vóór 31/12/2019 en fiscaal te optimaliseren !

(Auteur: Edwin Van Lommel, erkend boekhouder-fiscalist BIBF 301 96 807)